Gepubliceerd op 12 Feb 2026 door Kees Mudde
Er staan in Nederland ruim 180 miljoen bomen buiten het bos. Deze bomen staan niet in het bos maar langs wegen, in een stedelijke omgeving, e.d. Dit rooi- en snoeihout wordt gewaardeerd als laagwaardig, want het heeft geen keurmerk of certificering. Het verkrijgen van zo’n label is belangrijk want daarmee is de afkomst van het hout vastgelegd en vertegenwoordigd het een waarde als grondstof voor (opnieuw) gecertificeerde producten.
Eigenlijk hebben onze stadsbomen dezelfde status als illegaal gekapt hout, en dat vinden we best vreemd. Het hout wat nu vrijkomt bij het beheer van deze bomen verdwijnt voor een groot deel richting biomassa. Logisch want makkelijk en goedkoop, maar niet optimaal.
"Stadshout is geen reststroom, maar een grondstof".
Stadshout biedt meer potentie – zeker in het licht van de circulaire ambities van het Rijk: 50% circulair in 2030, volledig circulair in 2050. Het jaarlijks vrijkomende houtvolume -in de sector rekenen wij rond 3,6 miljoen bomen per jaar- verdient een betere en vooral meer duurzame bestemming. Boomrooierij Weijtmans roept dit al jaren; en we brengen het grotendeels ook al in de praktijk. Tijdens de recent gehouden bijeenkomst Bomen buiten het Bos stond de vraag centraal hoe gemeenten meer waarde kunnen halen uit stadshout. Een aantal conclusies:
Boomrooierij Weijtmans is voornamelijk actief buiten de bossen. Stadsbomen is onze dagelijkse kost. In deze video vertelt Kees Weijtmans hoeveel meer we nog kunnen doen met het in Nederland vrijkomend hout.
Op de website van PEFC Nederland lees je meer over dit onderwerp.
